Opgepast, de boeteclausule!

20 maart 2018

In vrijwel elke zakelijke overeenkomst komen boeteclausules voor. Zo’n boetebepaling kan een effectieve stok achter de deur zijn om te zorgen dat de andere partij zijn verplichting nakomt. De boete moet daarom hoog genoeg zijn om de beoogde aansporende werking te hebben. Daarbij mag de boete (veel) hoger zijn dan de geleden schade door schending van de ermee verbonden contractuele verplichting. De rechter kan een boete matigen, maar moet daar volgens vaste rechtspraak van de Hoge Raad erg terughoudend in zijn. Aan welke kant van de boeteclausule u ook staat, ga er omzichtig mee om. Dat leert ook de nieuwste uitspraak van de Hoge Raad hierover, die deze keer in het voordeel van de opgeluchte ‘overtreder’ uitviel.

Wettelijk kader

De rechter heeft de wettelijke bevoegdheid om op verzoek van de partij die een contractuele boete moet betalen de boete te matigen. Daarbij gelden twee beperkingen. De rechter mag dat alleen doen “indien de billijkheid dit klaarblijkelijk eist” en hij mag de boete niet lager vaststellen dan de geleden schade.

De vaste lijn in de rechtspraak

Die eerste eis wordt door de Hoge Raad al jaren streng uitgelegd. In 2007 besliste de Hoge Raad dat de rechter een boete pas mag matigen als deze in de concrete omstandigheden tot een buitensporig en daarom onaanvaardbaar resultaat leidt. Als een verbeurde boete aanzienlijk hoger is dan de geleden schade, is dat dus nog geen rechtvaardiging om de boete te matigen. Bovendien moet de rechter ook letten op de aard van de overeenkomst, de inhoud en de strekking van het beding en de omstandigheden waaronder het is ingeroepen.

Er worden regelmatig uitspraken gewezen waarin een beroep op matiging wordt afgewezen, ook als duidelijk is dat de geclaimde boete veel hoger is dan de schade die de claimende partij heeft geleden door de overtreding. Vertrouw er dus vooral niet op dat u door de rechter beschermd wordt tegen een gemene boeteclausule. En zeker niet als u een professionele partij bent die op de hoogte hoort te zijn van de gevaren van zo’n clausule. Overigens zijn er nog andere valkuilen waar u op moet letten, als het om boeteclausules gaat. Daar wees ik in dit blog al eerder op.

De uitspraak van 16 februari jl.

Maar soms maakt de claimende partij het te bont. Dat was het geval in de uitspraak van de Hoge Raad van 16 februari jl. Het ging daarin om een boete in een samenwerkingsovereenkomst tussen twee professionele partijen. Het stond vast dat de ene partij (Easystaff) meerdere keren een contractuele bepaling had geschonden. Daarop stond een boete van € 20.000 vermeerderd met € 5.000 voor elke dag dat de overtreding voortduurde. De andere partij (Protec) claimde daarop boetes tot in totaal € 1.230.000.

Easystaff voerde aan dat zij bij het sluiten van de overeenkomst zich niet bewust was geweest van het risico dat de boetebepaling voor haar betekende. Maar met dat verweer maakte de rechter in eerste aanleg korte metten. Het had Easystaff als professionele partij duidelijk kunnen zijn wat de gevolgen konden zijn van het boetebeding. Als ze dat risico niet wilde lopen, had ze de overeenkomst maar niet moeten sluiten. Wel vond de rechtbank dat in dit geval voldaan was aan het criterium dat de boete tot een buitensporig en onaanvaardbaar resultaat leidde. Daarbij speelde onder meer een rol dat het om geringe overtredingen ging, dat de schade van Protec zeer gering was, dat de boeteclausule eenzijdig door Protec was opgesteld en dat er niet over was onderhandeld. De rechtbank matigde de boete tot € 17.500. In hoger beroep stelde het Hof de boete vast op € 21.150.

Protec voerde in cassatie aan dat rechtbank en hof het strenge criterium van de Hoge Raad te soepel hadden toegepast. Ook de advocaat-generaal ging in zijn advies aan de Hoge Raad die kant op. Maar in dit geval kon Easystaff uiteindelijk opgelucht ademhalen, want de Hoge Raad oordeelde – in afwijking van het advies van de advocaat-generaal – dat het Hof het criterium goed had toegepast.

Conclusie

Wees op uw hoede met boeteclausules. Als u het als wapen wilt inzetten, gebruik het dan weloverwogen en goed geformuleerd. Wordt het tegen u ingezet, pas dan op uw tellen en vertrouw niet op de rechter als reddende engel. Dat kan u duur komen te staan. Tijdig advies voorkomt ook hier veel narigheid.